Er was eens een nacht. Zoals alle nachten wilde deze een maan en vele
ontelbare sterren, maar helaas waren er nog slechts donkere wolken voor hem
over . De rest was woest weggeplukt door andere nachten, die sneller waren
gevallen dan hij.
Nouja, oké zo gaan die dingen. De nacht snapte het wel, maar....
"Wat maar?"grauwde de Grote Hemelbekleder, "Ben
je niet tevreden? Moet je weer klagen en zeuren? De kleur is toch foed? Kijk:
dipeblauw met zwarte wolkenranden niks mis mee."
"Hij is zo somber...." murmelde de nacht. "Ja hoor 'ns, straks zeg jenog
dat 't je merk niet is! Daar kunnen we geen rekening mee gaan houden. Eruit
jij, ik ga de tent sluiten!"
Toen stond de nacht weer buiten. "Wat nu, dacht hij, "op zo'n donkere nacht
als ik zijn de mensen en dieren niet blij. Ik ben helemaal niet romantisch,
behalve voor vampiers.... Alles zal doodstil zijn, als ik er ben."
Maar hij had niets te kiezen. Met een ongelukkig gezicht trok hij zijn pak
aan, gespte zich vast aan de hemelgordijnroe en liet zich zakken over de aarde;
kalm en beheerst, zoals hem was geleerd op de Hogere Nachtacademie (die,
zoals we allemaal weten, wel wat anders is dan een gewone avondschool)
Nadat er zo een tijdje was verstrekenen de nacht probeerde zijn situatie
van zich af te dromen, hoorde hij op verschillende plekjes onder zich kleine,
zielige geluidjes opstijgen.
"Mama, ik ben bang,
waar ben je..."
"Stil kind, uiltjes
zijn niet bang in het donker."
"Vooruit, oogjes
dicht, snaveltje toe en slapen!"
Overal waar mensen woondne verschenen lichtjes. Dat maakte de nacht nog
moedelozer en verdrietiger dan hij zich al voelde. En toe schoot er ook nog
iemand vanuit die pesterige lichtjes een vuurpijl op hem af!
Nu was hij het zat . De nacht greep de plooien van zijn kleed bij elkaar
en hees zich op langs de hemelgordijnroe.
"Hee, wat doe jij nou, idioot" riep de zon, die nog in hemdsmouwen stond,
met ongekamde stralen, waar slechts een melkig wit schijnseltje vanaf kwam.
Maar de nacht liep met grote stappen langs hem heen, op de ruimte af. Hij
opende de deur en verdween in het zwarte gat.
Geen pen is scherp genoeg om de chaos te beschrijven die daarna in de hele
hemel ontstond. Maar vanaf dat moment zijn de nacht-CAO's opvallend verbeterd.
Enhet traumatiseringscijfer onder jonge uilen is sinds de direkte Heaven-saves-hulp
satelliet met ettelijke procenten teruggebracht.
Ülla Rietveld
Terug naar HUNK verhalenindex
Als je links geen HUNK inhoudsopgave ziet klik dan hier