De groter wordende kabouter moest daar even érg diep over nadenken,
en nog dieper, en
toen....viel hij om, bovenop zijn neus! Hij krabbelde overeind en keek
het alternatief wit onwijs
kabouterkruidenvrouwtje alias Kruitje aan. "Maar mevrouw de alternatieve
witte onwijze
kabouterkruidenvrouw, mijn voetpuistjes, daar krimp ik wel overheen, maar
dat groeien, daar krimp ik niet overheen", riep de
groter wordende kabouter uit. "Rustig pubertje, laat me eerst even je
neus verbinden. Trouwens, zeg toch Kruitje! Hoe heet jij
eigenlijk?". "Iedereen noemt mij altijd de groter wordende kabouter",
sprak de groter wordende kabouter." "Aan die belachelijke
beleefdheid van je is te merken dat je oubollige, ouderwetse ouders hebt,
dus zul je ook wel gewespt [4]. zijn en een echte naam
hebben." De groter wordende kabouter dacht wederom diep na en zakte daarbij
voorzichtig door de knieen om niet nochmaals op
zijn nu verbonden neus te vallen. "Ja, ja, ik geloof dat ze me de naam
Joop of Jaap gewespt hebben...", zei Jaap, want zo heette hij.
"Okee, Jaap, neem eerst even een kopje nachtschadethee tegen de puistjes,
dan praat ik je ondertussen die akelige angst voor
groter groeien uit je hoofd. Want wat is daar nou erg aan? Je ziet alles
stukken beter op grote hoogte". "Inderdaad!", dreunde een
grote trol met één been vanuit de hoek, "heerlijk, zo groot
als ik ben, nooit meer bang zijn voor mensen [3]. Die rennen gelijk voor
me weg, en..." "Ja Gnorgy,, hou nou maar op", sprak Kruitje, "je kunt
zelf niet meer rennen en eet je veel te vol. Ik schrijf je een
worteldieet voor." "Nee Kruitje, alsjeblieft geen worteldieet, een magere
trol is geen gezicht." "Kijk jij maar uit Gnorgy, straks ben
je zo dik dat je niet meer op tijd weg kunt zijn voor zonsopgang en verander
je in een rotsblok." Stomverbaast zat Jaap toe te kijken
bij deze diskussie, en hij plukte verlegen aan zijn voetpuistjes.
"Maar nu heb ik er nog niets aan , ik wil niet zoveel groeien, ik wil
bij de kabouters horen en krimpen en meedoen aan het
brandnetelvrijen [5].. "Nu werd Kruitje boos, "Zeg Jaap,
vindt je dat nou écht leuk, ontmaagd worden door de oudste kabouterin
van het dorp in een bos brandnetels? Als je dan wat wilt, wees progressief:
doe aan vrij sex! Als je zin hebt, kom je maar een keer
's avonds langs hoor." Jaap, die net een slok van zijn nachtschadethee
nam, verslikte zich en stortte hoestend op de grond, weer op
zijn neus. Kruitje reageerde: "Ik maak hieruit op dat je niet geinteresseerd
bent in mijn voorstel tot...". "En gelijk heb je", klonk het
kwakend uit een donker hoekje van het spreekhol. Een oude kikker met één
oog en een stok sprong met moeizame sprongetjes
naar voren. "Eén van mijn echte exen", legde Kruitje uit. "Begin
nooit wat met onwijze kabouterkruidenvrouwtjes, daar komen
alleen maar problemen van." "Hup, hinkel toch weg, wat doe je eigenlijk
nog hier", reageerde Kruitje kittig."."Pappa, gaan we nou
naar onze vijver", klonk het uit de wel erg grote mond van een klein kaboutermeisje
met opvallend lange gespierde benen die goed
uitkwamen door haar minirokje. "En ze laat je nog met de kinderen zitten
ook." Kwakend en brommend verdween de kikker uit
Jaap's leven, zijn en Kruitje's dochter met zich meenemend.
"Zo Jaap", sprak Kruitje, "Na dit idiote intermezzo zijn we nog steeds
met jouw groeistuipjes bezig. Ik geloof dat ik het je niet echt
uit je harige hoofd kan praten. Ik bekijk liever eerst de psychologische
problemen, maar dan gaan we over tot de machtige
medicijnen. Eerst....een krachtig kruid dat grote groei kan omzetten in
krachtige krimp. Er is wel een praktisch probleem, ik heb
het hier niet in mijn hol, je zult het zelf moeten zoeken." "Ja, maar,
hoe vindt ik dit krachtige kruid dan, mevrouw de alternatieve
witte onwijze kabouterkruidenvrouw?", vroeg Jaap. "Zomaar zoeken, beste
Jaap, zomaar in het wilde weg. Je herkent het zo: het is
groot en groen, met roze blaadje en zwarte besjes die 's nachts lichtgeven,
en het groeit onder de grond", zei Kruitje. "Mmmaar
hoe vind ik het dan?" "Kijk, het komt boven de grond als je het liedje
'in een blauwgeruite kabouterkiel' neuriet, snap je?" Jaap
begon langzamerhand stipjes en sterretjes te zien. Toen Kruitje het nog
eens vertelde begreep hij het wel zo'n beetje. "Waar is het
te vinden?", wilde hij nog weten. "Ergens op de grens tussen het sprookjesbos
en het machtige mensenbos, onder de heilige eiken.
"Okee, ik ga op pad, dan ben ik er vanavond nog." Jaap maakte aanstalten
om te vertrekken. "Wacht even, knappe knul, ik geef je nog wat mee voor onderweg",
riep Kruitje. Bij de uitgang van het hol gaf ze hem een verzegelde envelop,
"alleen voor noodgevallen", en eens heuse, zeer zeldzame slangeknuffel [6]. die Jaap
de adem zo'n drie minuten ontnam. "Sukses", riep ze hem adembenemend aardig
na toen Jaap naar adem snakkend wegliep. Even later vroeg Gnorgy de trol
aan Kruitje: "Wat was dat eigenlijk voor kruid, ik heb er nog nooit van gehoord."
"Gnorgy, dat kruit bestaat helemaal niet! Jaap moet eerst zichzelf maar zoeken,
dan zien we wel verder..", fluisterde Kruitje hem toe.