Soms heeft een mens schotten in zijn geest. Je hebt in de kast naast je eigen knuffelbeer de beer van je vader zitten. Een beer met een bijzonder verhaal. Een verhaal dat zelfs al op papier staat. Dan heb je ook een speciale berenrubriek op de Hunk website. En die twee dingen bestaan jaren naast elkaar zonder dat je ze met elkaar in verband brengt. Want Hunk is leeftijdsgenoten en Groentje Beer is vader en dat zijn twee verschillende werelden. En dan opeens zonder daadwerkelijke aanleiding verkruimeld zo'n schot. En dan zou je willen dat je de aan Hunk site  was begonnen toen hij nog leefde en dat je zou kunnen genieten van zijn glunderen als zij je hem vertelde dat je zijn verhaal op het internet gezet had.
   
OK, genoeg geouwehoerd en gesnotterd, tijd om mijn vader aan het woord te laten:

Groentje Beer- Mijn Beer

Je bent ouder dan ik, want eerst was Je van Elleke. Die had Jou stijf in haar arm geklemd toen ze, ongeveer 1½ jaar oud (ze kon net lopen), met mammie op de boot stapte naar pappie in Indië. Met Europees verlof [1] was Elleke 6 jaar oud en ik 1½. Even nadat ik 2 jaar geworden was stierf Elleke op 24 november 1936 bijna 6½ oud. Jij was bij haar in het ziekenhuis. Als haar broertje erfde ik Je, Beer. Vanaf dat moment waren wij onafscheidelijk. Ik vertelde Je toen steeds dat Elleke er niet meer was: "El au, El weg, El weg-weg".

Mijn zuiver eigen herinneringen aan Jou beginnen met een weten dat Je er altijd was. Jij ging bijna overal met me mee, zoals b.v. met de vacanties in Trètès of die op een suikerplantage/fabriek Maar naar de speeltuin Wendit mocht Je niet mee om de stoute apen daar. En toen kwam de oorlog over ons heen en van het begin af verhuisden we veel, in Soerjabaja 3x of meer, toen naar Malang, door naar Batoe en weer terug naar Soerabaja en ook daar verhuisden we weer enige malen. We hebben ook paardje gereden op Juultje onze hond. En Je was bij me toen Juultje stierf in die laatste nacht voordat we het kamp inmoesten. En Jij ging met me mee door de jappenkampen Soerabaja, Dharmo, Semerang Karang, Panas, dat wij Karang mati noemden, naar Ambarawa 6. Daar bleek Je huid, na 13 of 14 jaar intensief gebruik, totaal versleten. Mammie heeft toen haar eigen eten geruild (dat van het eten hoorde in pas na de oorlosg) voor een groene handdoek en een rood washandje. Daarvan heeft mammie Je een nieuwe huid gegeven voor mijn verjaardag. Sindsien heet Je Groentje Beer.

Maar het "leven" ging verder en ik werd op 9 november 1944 10 jaar en moest "dus", volgens japanse orders, naar het mannenkamp. Toen we afmarcheerden op weg naar Ambarawa kamp 7 zat Jij in mijn rugzak, Je kopje er bovenuitstekend. En we huilden niet, omdat we de jappen de tranen niet gunden. Integendeel, we zongen. En zag Jij ook dat de jappen (door dat zingen?) steeds minder grijnsden toen we bleven zingen? In kamp 7 was Jij mijn enige houvast en troost. Maar in kamp 7 hoorden we ook, na ongeveeer 9 lange troostelozen maanden, enige dagen na 15 augustus 1945, dat japan had gecapituleerd.
 
De volgende dag al kwam mammie me halen. En dus gingen wij mee naar Ambrahawa kamp 8, mammie was n.l. intussen verplaatst van kamp 6 naar kamp 8. Daar kregen we de overval door de extremisten [2] op het kamp waarbij 22 doden vielen, maar ik had jou onder mijn bultzak [3] verstopt. We werden bevrijd door Gurka's. Later kwam er nog een aanval van +5000 man op het kamp, dat door 6 Sikhs verdedigd werd. We werden echter ontzet door 2 tanks met 50 jappen. Dit was dus echt een beschermingskamp in de bersiaptijd [4] Hier in kamp 8 hoorden we ook dat pappie in Burma dood was gegaan op 21 juli 1945. En jij was weer de enige aan wie ik mijn verdiret kwijt kon. Korte tijd later vertrokken we in Engelse legertrucks van Ambarawa naar Semarang kamp Halma Heira. Jij zat weer boven in mijn rugzak. Het was een afschuwelijke toch door al die brandende kampongs en ik mocht niet eens kijken. De Engelse soldaat bij ons duwde mijn hoofd steeds weer naar beneden met een rustig: "Down boy, danger" , en hij bleef maar vriendelijk.

Van Semerang gingen we november '45 naar het doorvoer/verzamelkamp Cancy op Ceylon met het Engelse vliegdekschip Colossus. De bemanning had op het vliegdek van alles in elkaar geknutseld en georganiseerd, een glijbaan, een wip, een zwembad van zeildoek, met zak langs een kabel naar boven en weer terug (erg eng), en rondjes met een karretje rond het vliegdek. Ze (die Engelse mannen aan boord) waren zo aardig voor ons. En we hadden geen honger!! En daarom was het dubbel zo jammer dat ik na een paar dagen zeeziek werd en mijn eten er weer uit gooide. Na deze zeereis kwamen we in Colombo aan. En verder maar weer, nu met de trein naar Candy. In Candy-kamp kwamen wij samen weer alleen aan omdat mammie op het station uit de trein gehaald en met voedselvergiftiging naar het ziekenhuis gebracht was. Na een lange week kwam mammie weer bij ons in het kamp in Candy. Hier in de rustkampen van Mountbatten werden we enige maanden opgeborgen. Maar het eten was goed en ik had een eigen brits voor ons. Eindelijk mochten of moesten we naar Nederland, met de Ruis, een vrachtboot. We kwamen in mei 1946 in Amsterdam aan en reisden daarna door naar opa en oma in Goes. Je hebt er nog jaren in mijn bed geslapen.

Later voelde ik me te groot voor een beer en werd Je opgeborgen. En weer jaren later moest in moeders huis opruimen omdat ze naar een verpleegtehuis ging. Je was daar nog en ik heb Je weer meegenomen. Nog later brak bij mij de oorlog weer uit en ben ik voor therapie naar Centrum '45 gegaan. Op een gegeven moment heb ik Jou weer tevooschijn gehaald en bet als vroeger vertelde ik Je alles wat me dwars zat en meer dan ik aan de therapeuten vertelde. Zelfs heb ik een keer tegen Je geschreeuwd: "Waarom zeg Je nou niks, stom beest. Je was er toch ook bij? Stomme beer."Maar ook dat ging voorbij en tegenwoordig zit Je opde bank in mijn huiskamer . Maar morgen breng ik Je weg naar het verzetsmuseum in Gouda om Je geschiedenis aan dneren te vertellen. Tot 31 december 1998, want dan kom Je weer terug bij mij Groentje Beer. Als als Je weer thuis komt is het FEEST. Dan trek ik een fles wijn open. Je bent me heel dierbaar.

Cees Betcke


[1] Langdurig verlof (ca  een  jaar) in Nederland na meerdere jaren in Ned. Indie gewerkt te hebben.
[2] van de Indonesische onafhankelijkheidsbeweging
[3] =strozak
[4] Chaotische en gewelddadige tijd van machtsvacuum direct na capitulatie van Japan. Zie bijvoorbeeld  http://www.tjaberawit.com/Bersiapperiode.htm of  http://members1.chello.nl/~o.norel/bersiap.htm 




Als je links geen HUNK inhoudsopgave ziet klik dan hier 

Terug naar HUNK Beren index